donderdag 18 juli 2013

Eerste Social Media Café bij Wageningen UR

Na een lange periode van ideeën opdoen, gesprekken voeren en voorstellen doen, kwam het er dan toch van: een Social Media Café bij Wageningen UR! Het uitgangspunt is een ongedwongen en open setting, waar iedereen welkom is en alle onderwerpen rondom social media ter tafel kunnen komen.

Eerder zijn er presentaties gegeven voor medewerkers over social media. Steeds met een algemeen verhaal over een thema en een wetenschapper die vanuit de praktijk kon toelichten wat zijn ervaringen waren. Inhoudelijk werden deze bijeenkomsten door medewerkers als heel zinnig ervaren, maar qua interactie was het minimaal. 

Nieuwe aanpak

Navraag bij andere universiteiten leerde dat het concept van een social media cafe met vrije inloop erg succesvol is. Na wat interne gesprekken en voorstellen, kwam er een GO! Gemma Kregting is aanspreekpunt voor de universiteit en studentenwerving, en ik (Astrid de Best) ben contactpersoon voor de communicatie vanuit het onderzoek. We organiseren een aantal Social Media Cafes en gaan er ervaringen mee opdoen. In wisselende samenstellingen, op verschillende locaties en op diverse tijdstippen gaan we kijken hoe we de medewerkers het best kunnen helpen.

Terugblik eerste editie 

Het eerste Social Media Café was op 6 juni jl. tijdens de lunch in het auditorium in Impulse. De trappenconstructie was qua verstaanbaarheid niet echt geschikt om met elkaar te praten, maar het weerhield de bezoekers er niet van om met elkaar in gesprek en soms ook discussie te gaan. 

In totaal zijn er zo’n 20 medewerkers langsgekomen, steeds elkaar afwisselend. Sommigen kwamen alleen luisteren en anderen hadden hele concrete vragen, maar er is voornamelijk veel als groep met elkaar gesproken. Aan de orde kwamen onder andere: monitoring/webcare, nut van LinkedIn, mogelijkheden van Pinterest en quick wins op YouTube.

We kijken tevreden terug op dit eerste Social Media Café. Natuurlijk waren er verbeterpunten voor de volgende edities qua setting, omstandigheden en inhoud, maar het was een inspirerende bijeenkomst en de opkomst was goed!

Volgend Social Media Café

De volgende editie wordt over de zomervakantie getild en zal in september gehouden worden. De exacte datum en tijd volgen nog; de locatie zal het Grand Café worden in het Forum. Een Grand Social Media Café dus!

woensdag 29 mei 2013

Waarom onderzoekers moeten twitteren. Of niet.

Veel onderzoekers vragen zich af of ze moeten gaan twitteren, en waarover dan. Of dat ze het aan zich voorbij mogen laten gaan omdat ze het helemaal niks vinden. Het antwoord is niet zo eenvoudig te geven, want social media biedt veel kansen maar het vraagt ook inzet. Niet zozeer in tijd, maar in ‘anders denken’.
 

Wèl twitteren

Twitter is een platform om nieuws of publicaties te delen-op-maat, volgers zijn namelijk bewust gaan volgen omdat ze geïnteresseerd zijn in updates van die persoon. Zo kan er een expertise-specifieke doelgroep ontstaan.
Onderzoekers maken vaak zaken mee die de moeite waard zijn om te delen. Niet alleen de locaties waar ze werken, maar ook de mensen die ze spreken of het samenwerken met partijen kunnen heel interessant zijn voor anderen.
Er valt ook veel te halen. De onderzoekers die al geruime tijd op twitter zitten, constateren dat ze vaak als eerste binnen hun groep op de hoogte zijn van ontwikkelingen of publicaties in hun vakgebied. Waar ze voorheen moesten zoeken, komt het nieuws nu binnen via de accounts die zij volgen.

Bereik

Het opbouwen van volgers heeft even tijd nodig. Maar ook met weinig volgers kunnen je tweets een veelvoud van volgers bereiken doordat ze doorgestuurd worden door anderen (retweeten). Iedereen in hun volgerslijst krijgt jouw bericht dan ook mee.

Hoeveel tijd kost dat?

Twitteren zelf kost niet veel tijd. Het plaatsen van een zinnetje van 140 tekens kost misschien een minuut. De verandering zit in het anders denken: “is dit leuk voor mijn volgers?” dat kost geen tijd maar inzet. Het bekijken van tweets van accounts die je volgt, nemen de hoeveelheid tijd in die je er zelf in wilt stoppen.

Wat doen mijn collega’s?

Onder het twitteraccount van Wageningen UR is een lijst aangemaakt met accounts van medewerkers. Daar kun je kijken hoe anderen het aanpakken. Hou er rekening mee dat hier ook privé-accounts bij kunnen zitten.
» Lijst accounts medewerkers Wageningen UR

Niet twitteren

Iets nieuws integreren in je dagelijkse patronen is altijd lastig. Denk aan de introductie van de mobiele telefoon, eigenlijk vond iedereen het overdreven en inmiddels hoeft niemand meer overtuigd te worden van het nut ervan. Voor twitter geldt eigenlijk hetzelfde: de gebruikers vinden het echt iets toevoegen, de sceptici vinden het niks. Als je het echt niet ziet zitten om te twitteren, dan moet je het gewoon niet doen.

Iets er tussenin?

Als je wèl het nut van het platform twitter inziet, maar je durft het zelf niet aan om te twitteren, dan kun je altijd nog meeliften op instituutsaccounts. Je kunt je berichtje dan sturen naar de communicatieadviseur van jouw onderdeel, die kan het dan passend maken (140 tekens) en plaatsen als tweet namens het instituut. Zo maak je gebruik van het opgebouwde aantal volgers van het insituut, er is nagedacht over de formulering van je tweet en de techniek wordt voor je geregeld. Nadeel is, dat deze volgers niet expertise-specifiek zijn en er valt voor jou als onderzoeker niets te halen.

Andere platforms

Of je gaat twitteren of niet, het is voor onderzoekers belangrijk om persoonlijke vermeldingen op andere platforms ook compleet te maken. Bij het googlen op naam kunnen deze allemaal naar voren komen. Denk aan je vermelding in we@wur, LinkedIn, Google Scholar e.d. Ook op die platforms liggen kansen, maar daarover een andere keer meer…

Meer info:

Op de intranetpagina over social media vind je tips&tricks, de richtlijnen van Wageningen UR, filmpjes met testimonials van collega’s en een twitter-presentatie en quick start.
» Intranet: Social Media bij Wageningen UR (alleen voor medewerkers)

Hulp nodig?

Mocht je verder willen praten over twitter of andere social media, of heb je hulp nodig bij het aanmaken van een account? Laat het maar weten: astrid.debest@wur.nl

dinsdag 16 april 2013

Mosselen en Ballonnen - Verschillende berichten met verschillende reacties

Deze week kwamen er op 1 dag, 2 berichten die de wereld in moesten. Het ene bericht was de afronding van een langlopend onderzoek, het andere bericht was een reactie op actualiteit. Interessant om te zien hoe verschillend het publiek reageerde op deze berichten.

Bericht 1: De ballonnen

Actueel is op dit moment de protesten tegen de 150.000 ballonnen die met de troonswisseling opgelaten zouden worden. Aangezien we een dossier hebben “plastic afval in zee” waarin jaren geleden al melding werd gedaan van ballonnen-afval na Koninginnedag, is de onderzoeker gevraagd een kort berichtje te schrijven met onze visie erop. Dit bericht is diezelfde ochtend nog geschreven, geredigeerd en geplaatst, met een verwijzing naar het dossier.

 

Bericht 2: De mosselen

Een zesjarig onderzoek naar duurzame schelpdierkweek en de effecten ervan op de natuur. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van EZ en Producentenorganisatie Mosselcultuur, en uitgevoerd met 3 externe partijen. De uitkomst van het onderzoek is (kort samengevat): na het bevissen van mosselzaadbanken is er minder biodiversiteit, maar dat is na een jaar hersteld; Kweekpercelen van mosselen brengen juist meer biodiversiteit op een kaal gebied.
Het afsluitende rapport is aangeboden op het ministerie, de site is bijgewerkt en er is een persbericht opgesteld waar alle partijen en betrokkenen achter konden staan. Meestal wordt de tekst daar niet vlotter van. Het bericht is ‘smiddags geplaatst, na de overhandiging van het rapport.
 

Het verschil

De berichten zijn beide op de site geplaatst en gemeld op social media. Het verschil in viraliteit en reacties is enorm. Het mosselenverhaal werd een aantal keren geretweet en geliked op facebook, maar het ballonnen-verhaal nam een enorme vlucht. Het is vele malen geretweet, veel geliked, gereageerd en gedeeld op facebook. Ook leverde het veel nieuwe volgers op (bijv. Marianne Thieme!).

De getallen na 1 dag

Ballonnen

Facebook
  • 21 likers
  • 8 reacties
  • 22 keer gedeeld
  • Totaal bereik 2.220
Twitter
  • Vermeldingen en retweets: 46
  • Favoriet: 1
Site:
  • 891 weergaven

Mosselen

Facebook
  • 2 likers
  • 1 keer gedeeld
  • Totaal bereik 281
Twitter:
  • Vermeldingen en retweets: 3
Site:
  • 117 weergaven

Stof tot nadenken

Dit voorbeeld uit de praktijk geeft weer veel stof tot nadenken. Met een snelle reactie op de actualiteit rondom de ballonnen bereik je veel mensen en ben je als organisatie betrokken bij de maatschappelijke discussie. Een degelijk onderzoek naar mosselkweek met een zorgvuldig geformuleerd resultaat dat voor de samenleving misschien veel belangrijker is, krijgt minder respons. Is het omdat het ballonnen-probleem lekker laagdrempelig en makkelijk oplosbaar is? Is het omdat de resultaten van het mosselenonderzoek wat verder van de belevingswereld van de consument liggen? En is dat eigenlijk erg voor een wetenschappelijk instituut?
Zolang we beide typen berichten plaatsen, bereiken we in ieder geval de breedste doelgroep en kunnen we de diversiteit van ons kennisgebied tonen.

maandag 8 april 2013

Vrijwilligers gezocht – en in een flits gevonden!

In deze case een mooi voorbeeld van de kracht van Social Media, uit de praktijk van een onderzoeksinstituut dat werkt in het gebied van kust&zee. In dit smalle, specifieke werkgebied is het lastig de juiste doelgroepen te bereiken. Hoe vind je vrijwilligers voor onderzoek op zee?

Bij een routinevraag of een onderzoeker nieuwe stages wilde checken, vroeg ze of het mogelijk was om vrijwilligers te werven via de site. Ze zocht 2 mensen die wilden helpen bij een onderzoek naar makreel-eitjes op zee. Ruim twee weken onbetaald meedraaien op een schip bij allerlei voorkomende hand-en-spandiensten. Niet altijd het meest frisse werk, dus niet iets waarvoor de mensen stonden te trappelen. Voorheen vroeg de onderzoeker het aan studenten of stagiaires en er is ook een oproep geplaatst bij een biologenvereniging, maar daar kwamen geen reacties voor deze reis.

Als test hebben we de oproep geplaatst op de site (home IMARES en bij “werken bij IMARES”) en ook op social media (Twitter en facebook)








Deze oproep is via social media razendsnel rondgestuurd; binnen een uur had de onderzoeker al 2 aanmeldingen binnen! 

Bericht

www.wageningenur.nl/imares
Het bericht heeft 1 dag live gestaan op de site en is die dag 294 keer bekeken. 

Twitter

http://twitter.com/imares_wur
Buiten de 540 volgers die het bericht via twitter ontvangen, werd het door 11 twitteraars doorgestuurd. Dit waren:


  • Een aantal organisatieonderdelen van Wageningen UR, maar ook
  • Onderzoekers van IMARES
  • Visserijverenigingen
  • Belangenpartijen
  • Vissers
  • Zee-/natuurliefhebbers
     

Facebook

www.facebook.com/IMARES.Wageningenur 
Buiten de 520 likers die het bericht via facebook zien, is het 12 keer geliked en nog 11 keer doorgestuurd (soms ook gericht aan een persoon). Totaal hebben 1314 personen het bericht gezien.
Bij oproepen voor vacatures is het gemiddeld bereik ong. 500 personen. 

Great succes!

De ochtend na het plaatsen belde de onderzoeker, of de oproep van de site gehaald kon worden, omdat ze zo ontzettend veel reacties kreeg en inmiddels dus al ruim was voorzien van vrijwilligers. 

Alle aanmelders hebben bericht ontvangen van de onderzoeker. Hun gegevens worden bewaard en bij volgende onderzoeksreizen op zee wordt er contact met ze opgenomen.
Een van de vrijwilligers is een journaliste, die naast het vrijwilligerswerk ook geïnteresseerd was om een reportage te maken. De onderzoeker zal een blog bijhouden van de reis en de waarnemingen die ze onderweg doen. 

Wat voorheen lastig te realiseren was – het vinden van vrijwilligers voor werk op een schip – bleek totaal omgedraaid: de onderzoeker kon zelfs kiezen uit een ruim aanbod van mensen die zich aanmeldden. De overige onderzoekers die regelmatig onderzoeksreizen maken, zijn op de hoogte gebracht van deze effectieve manier van werven. Wordt vervolgd dus…